Van woonerf naar erf - Regels en maximumsnelheid
Binnen een erf staan wonen, verblijven en spelen centraal; voetgangersvoorzieningen als stoep of trottoir ontbreken. Het erf heeft vooral een verblijfsfunctie en het verkeer binnen een erf zal voornamelijk bestemmingsverkeer zijn. Vanaf 1 juli 2012 is het de wegbeheerder of de gemeente toegestaan het verkeersbord A1 met een aanduiding van een maximum toegestane snelheid van 15 km per uur bij een erf te plaatsen. Hiermee is de verwarring over hoe snel "stapvoets" is weggenomen.Erf - van "stapvoets" naar maximaal 15 km/u
Alhoewel de snelheid binnen een erf tot 1 juli 2012 als "stapvoets" stond omschreven, is binnen een uitspraak van de Hoge Raad de maximum snelheid in een erf in het verleden al eens op maximaal 15 km/u gesteld. Deze nieuwe regel -die eerst in het RVV 1990 opgenomen moest worden om rechtsgeldig te kunnen zijn- neemt nu alle twijfels weg en geeft duidelijkheid over de maximum toegestane snelheid. Ook als het verkeersbord A1 met de aanduiding "15" bij inrijden van een erf niet is geplaatst, geldt er een maximum toegestane snelheid voor bestuurders van 15 kilometer per uur binnen het erf. Alleen de plaatsing van verkeersbord G5 is dus al voldoende.Algemene regels in een erf - woonerf
Alhoewel binnen een erf -voorheen woonerf- de gangbare voorrangsregels gelden, heeft een erf vooral een verblijfsfunctie, waar de verkeersfunctie ondergeschikt is gemaakt. Voetgangers en spelende kinderen mogen een erf over de gehele breedte gebruiken. Bestuurders dienen dan ook rekening te houden met de aanwezigheid van voetgangers, onregelmatigheden in het wegdek en een afwijkend verloop van de weg. Dit geldt ook voor winkelerven die in de nabijheid van winkelcentra worden aangelegd, waardoor de oude aanduiding "woonerf" niet meer toereikend was vervangen is door "erf".Een erf wordt aangeduid met de verkeersborden
Erf
Einde erf
Erf - Belangrijke artikelen uit het RVV 1990
Artikel 44 - Voetgangers in een erfVoetgangers mogen wegen gelegen binnen een erf over de volle breedte gebruiken.
In een erf ontbreken voetgangersvoorzieningen zoals trottoir, voetpad of fietspad.
Artikel 45 - Snelheid en voorrang in een erf
Bestuurders mogen binnen een erf niet sneller rijden dan 15 km/u. (voorheen "stapvoets)
In een erf gelden de normale voorrangsregels waarbij bestuurders, bestuurders van rechts voorrang dienen te verlenen. Kruispunten binnen een erf zijn gelijkwaardige kruispunten. Verkeerslichten, voetgangeroversteekplaatsen"(VOP's), voorrangskruispunten kent men binnen een erf niet.
Artikel 46 - Parkeren van motorvoertuigen in een erf
[OLIST]
Het is bestuurders van een motorvoertuig verboden binnen een erf te parkeren anders dan op parkeerplaatsen die aangeduid worden door een P-tegel of een P-bord.
Indien het erf tevens is aangeduid als parkeerschijfzone, mag ook worden geparkeerd op plaatsen die van een blauwe streep zijn voorzien, mits gebruik wordt gemaakt van de parkeerschijf.
[/OLIST]
Punt 2 heeft vooral betrekking op winkelerven, die steeds vaker worden toegepast.
Artikel 25 - Parkeerschijfzone in een erf
[OLIST]
Het is verboden in een parkeerschijf-zone te parkeren, behalve op parkeerplaatsen die als zodanig zijn aangeduid of aangegeven of plaatsen die zijn voorzien van een blauwe streep.
Op plaatsen die zijn voorzien van een blauwe streep is het parkeren van een motorvoertuig op meer dan twee wielen slechts toegestaan indien het motorvoertuig overeenkomstig het bij ministeriële regeling bepaalde is voorzien van een duidelijk zichtbare parkeerschijf. Indien het motorvoertuig is voorzien van een voorruit, wordt de parkeerschijf achter de voorruit geplaatst.
Op de parkeerschijf staat het tijdstip aangegeven waarop met parkeren is begonnen. Een parkeerschijf voorzien van een mechanisme dat tijdens het parkeren het tijdstip van aankomst automatisch verschuift, mag niet worden gebruikt.
Bij het instellen mag het tijdstip van aankomst naar boven worden afgerond op het eerstvolgende hele of halve uur. De toegestane parkeerduur mag niet zijn verstreken.
Indien op een onderbord dagen of uren zijn vermeld, gelden het tweede tot en met het vierde lid slechts gedurende die dagen of uren.
[/OLIST]
Artikel 26 - Parkeren met een gehandicaptenparkeerkaart in een erf
[OLIST]
Op een gehandicaptenparkeerplaats mag slechts worden geparkeerd: a. een gehandicaptenvoertuig, indien het parkeren rechtstreeks verband houdt met het vervoer van een gehandicapte; b. een motorvoertuig op meer dan twee wielen waarin een geldige gehandicaptenparkeerkaart duidelijk zichtbaar is aangebracht, indien het parkeren rechtstreeks verband houdt met het vervoer van de gehandicapte aan wie de kaart is verstrekt, dan wel met het vervoer van een of meerdere personen die in een instelling verblijven, indien de kaart aan het bestuur van die instelling is verstrekt; of c. indien de gehandicaptenparkeerplaats is gereserveerd voor een bepaald voertuig, dat voertuig.
Indien op een onderbord een maximale parkeerduur is vermeld, is artikel 25, tweede lid, van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat de parkeerplaats niet hoeft te zijn voorzien van een blauwe streep.
[/OLIST]