De historie van Jaguar
Jaguar staat bekend als fabrikant van luxe (sport)modellen en is een merk dat veel aanzien geniet. Het huidige Jaguar is ontstaan dankzij één man, William Lyons, die motorfietsen bouwde maar eigenlijk meer had met auto's.Van motoren naar auto's
Het Engelse Jaguar begon in een andere hoedanigheid in 1922. De Engelsman William Lyons, bekend van het bouwen van zijspanmotoren (Swallow Sidecar Company) begon in dat jaar namelijk met de productie van auto’s. Het eerste resultaat daarvan was pas in 1931 te zien en bovendien droeg deze auto nog niet de naam Jaguar. Het was de SS1 die middels een grootste reclamecampagne werd aangekondigd. Het publiek kwam in groten getale opdagen om de onthulling bij te wonen en de auto werd uitstekend ontvangen: hij baarde opzien door zijn lange motorkap en lage bouw. De SS1 was ontwikkeld door William Lyons samen met zijn partner William Walmsley. Ook was er een compactere SS2-versie, die minder enthousiast werd ontvangen. Tot aan 1935 zouden er diverse variaties op het SS1-thema verschijnen maar William Walmsley zou al snel uit het project stappen omdat hij zich niet in het sportieve karakter van de auto’s kon vinden.De eerste Jaguar
Hoewel de SS1 met veel gejubel werd ontvangen, hadden alle varianten het zelfde probleem: ze waren niet snel genoeg. Hun sportieve voorkomen riep hoge verwachtingen op waaraan de auto’s niet konden voldoen. Speerpunt werd dan ook het verbeteren van de motoren: de 2,5 liter motor die ten tijde van de introductie voor de aandrijving zorgde, werd verbeterd en het vermogen steeg van 55 kW/75 pk naar 77 kW/105 pk. Met de nieuwe motor kon het merk zich meer als sportief-luxemerk profileren zoals ook het illustere Bentley. Een Bentley kostte echter vier keer zo veel als de SS1. De nieuwe variant kwam in 1935, compleet met de nieuwe motor en een nieuw chassis en kostte slechts 395 pond. Voor het eerst droeg hij ook de naam Jaguar, op aanraden van een reclamebureau dat de auto’s van Lyons door hun slanke atletische lijnen vond lijken op de snelle katachtige. Jaguar bleef haar motoren verbeteren wat resulteerde in de komst van een 1,5 liter motor en een 3,5 liter motor waarmee de SS1 in 10,5 seconden van 0-100 km/u sprintte, voor die tijd een hele prestatie. Ook was de nieuwste generatie leverbaar als saloon (sedan), coupé en cabriolet.Herleving na de oorlog
Toen de oorlog uitbrak, raakte Jaguar net als zo vele merken in zwaar weer. Gelukkig had Lyons nog de expertise van de Swallow Sidecar Company en kon het bedrijf terugvallen op de productie van motorfietsen met zijspan, waar in de oorlog veel vraag naar was. Jaguar bleef overeind en Lyons had bovendien de tijd om aan een nieuwe motor voor in een nieuw model te werken. Het moest een motor worden met een hoog vermogen waarmee Jaguar definitief wereldwijd zou doorbreken. Aan het einde van de oorlog was die motor er ook en tevens was er in 1948 een nieuw model: de Mark V. Lyons achtte de Mark V echter veel te conservatief om de nieuwe, sterke motor in te lanceren en dus kwam er niet veel later de XK120, voorzien van de nieuwe motor die maarliefst 118 kW/160 pk wist te produceren. Na de komst van dit sportieve model kwam er ook een luxe opvolger van de Mark V: de Mark VII saloon. Lyons werd meer en meer bevangen door het racevirus en in 1951 besloot hij zich met een voor de racerij ontwikkelde XK120C (C-type) in te schrijven voor de befaamde 24 uur van Le Mans. Jaguar won bij haar debuut. Twee jaar later won Jaguar met dezelfde auto zelfs soeverein: het merk declasseerde de concurrentie dankzij de toepassing van schijfremmen, waarmee Jaguar destijds het eerste merk was.Het ontstaan van het huidige Jaguar
Jaguar was steeds meer aan het uitgroeien tot een elitemerk, hetgeen de algehele groei van het merk in de weg stond. In 1955 werden er vele miljoenen ponden uitgetrokken voor de ontwikkeling van een nieuw, compact model. Het is tot op heden wellicht de beste investering uit de geschiedenis van Jaguar. Het leidde namelijk tot de komst van de legendarische E-Type in 1961, een model dat tegenwoordig (2010) een klassiekerstatus heeft bereikt en een zeer exclusief collectors item is geworden. Enkele jaren later, in 1972, ging William Lyons op 71-jarige leeftijd met pensioen maar kon hij constateren dat Jaguar was uitgegroeid tot het merk dat hij voor ogen had: een fabrikant van sportief-luxe modellen met succes in de autosport. Dit merkbeeld zou in stand blijven en Jaguar zou op dezelfde voet blijven doorontwikkelen. In 1968 kwam de XJ6, een luxe saloon in het topsegment en een model dat vandaag de dag nog steeds bestaat. Ook het concept van de in 1975 geïntroduceerde XJ-S (coupé en cabriolet op basis van de XJ6) wordt vandaag de dag nog gehanteerd met de XK-serie. Ook in de autosport bleven de successen voortduren. Zo was het merk zelfs tussen 2000 en 2004 actief in de formule 1 als fabrieksconstructeur na een overname van het privéteam Stewart van de Schot Jackie Stewart. Echte successen in de formule 1 werden echter nooit geboekt.