Sneller rijbewijs terug bij ziekte of aandoening
Wie ziek is of een aandoening heeft en toch achter het stuur kruipt kan een gevaar in het verkeer zijn. Toch is het in veel gevallen toegestaan, om een auto te besturen als je te maken hebt met slaapstoornissen, chronisch hartfalen, lichte dementie of beroerte. De regels zijn namelijk in 2010 en daarna nog enkele malen aanmerkelijk versoepeld. Heeft u te maken (gehad) met epilepsie, dan ligt de kwestie nogal gecompliceerd.Levensgevaarlijke verkeerssituaties
Wie ziek is en toch een auto bestuurt kan levensgevaarlijke situaties op de weg veroorzaken. Daarom heeft de overheid in de "Regeling eisen geschiktheid 2000" bepaald bij welke aandoeningen en onder welke eisen iemand wel of niet een auto mag besturen. Deze regels worden voortdurend aangepast en bijgestuurd op initiatief van de gezondheidsraad. De medische vooruitgang staat namelijk niet stil, en bepaalde medicijnen kunnen iemand ook weer tot volwaardig verkeersdeelnemer maken. Ook is er sprake van verbeterde kennis, en is men er achter gekomen dat de gevolgen van beroerte of TIA niet altijd desastreus hoeven te zijn. Aangezien de regels dus voortdurend worden aangepast, vindt u op onderstaande site altijd de meest actuele stand van zaken, maar in grote lijnen komt het op het volgende neer.Lichte dementie
Duizenden mensen, die enige tijd geleden niet achter het stuur mochten kruipen, mogen dit nu doordat de regels zijn versoepeld. Wel alleen voor privégebruik. Vooral dementiepatiënten hebben hier baat bij. De patiënt met lichte dementie dient wel aan te tonen dat hij/zij het voertuig goed onder controle heeft. De norm is dat dergelijke patiënten voor een jaar rijgeschikt worden verklaard, indien zij bij het CBR de verplichte rijtest met goed gevolg hebben afgelegd.Na een TIA
Voorheen gold na een TIA een rijverbod van 6 maanden. Deze termijn is in 2010 echter teruggeschroefd naar slechts 2 weken. Indien in de eerste weken na de beroerte of TIA geen problemen ontstaan, mag de persoon blijven rijden. Maar wie wel fysiek hinder ondervindt, zoals te weinig kracht in de arm, mag 3 maanden niet achter het stuur. Daarna is een rijtest bij het CBR nodig en een speciaal rapport. Is dat allemaal positief dan wordt voor maximaal 5 jaar een rijgeschiktheid afgegeven.Bewustzijn verloren
Personen die het bewustzijn tijdelijk hebben verloren door daling van de bloeddruk, hartfalen, of zuurstoftekort in de hersenen, kunnen sinds maart 2014 sneller achter het stuur. Motorrijders en automobilisten mochten een jaar geen aanval hebben gehad, maar de regels zijn versoepeld, afhankelijk van de soort van bewustzijnsstoornis.Epilepsie
De algemene regel is dat personen met epilepsie voor het kleine rijbewijs (groep 1) een jaar lang aanvalsvrij geweest moeten zijn voordat zij (weer) mogen autorijden of motorrijden. Voor het groot rijbewijs (groep 2) zijn de regels aanmerkelijk strenger. Na een epileptische aanval kunt u met uw neuroloog bespreken welke aanvalsvrije periode voor u noodzakelijk is. Neemt u niet beroepsmatig deel aan het verkeer dan vindt u in wat toegankelijker vorm ook alle informatie bij het Epilepsiefonds.Slecht slapen
Onder bepaalde voorwaarden mogen ook diegenen in de auto die lijden aan narcolepsie, apneu en dergelijke slaapstoornissen. Mensen die aan bijvoorbeeld slaapapneu lijden kunnen chronisch vermoeid raken, waardoor het gevaar bestaat dat ze indommelen tijdens het besturen van de auto. Maar deze aandoeningen kennen nu effectieve behandelingen, waardoor de rijgeschiktheid gewaarborgd kan zijn.De kleine groep oogpatiënten die een bril draagt met een zogenaamde bioptische telescoop op de glazen, mag na trainingen en een succesvolle rijtest, eveneens weer de auto in. Weliswaar alleen overdag en uitsluitend in een auto met automatische versnelling.