Supersnelle treinen: evolutie

Supersnelle treinen: evolutie

Tussen 1950 en 1960 onderging het spoorwegwezen een sterke teruggang. Men vond het stelsel ouderwets, en in veel moderne landen werd het spoorwegnet ingekrompen, soms met meer dan driekwart. Tegenwoordig zijn de spoorwegen weer in ere hersteld. Vooral dankzij uitvoerig onderzoekswerk is men tot de conclusie gekomen dat het bestaande spoorwegennet diens kan doen voor treinen die meer dan 300 en zelfs 500 km per uur rijden. En daardoor zullen ze hun bestaansrecht houden.

Geschiedenis

De eerste keer dat men zulke hoge snelheden bereikte was tussen 1953 en 1955, tijdens een belangrijke reeks proeven van de Franse spoorwegen. Men gebruikte gewone passagiersrijtuigen die voortgetrokken werden door elektrische locomotieven. Er waren alleen grotere tandwielen ingebouwd voor de overbrenging van motor naar assen. De snelheden werden geleidelijk opggevoerd, tot in maart 1955 twee soorten locomotieven elk een snelheid van 330 km per uur behaalden.

Hoewel men een recht en solide baanvak had gekozen, was dit toch een gewaagde onderneming. In die tijd wist men niet veel over het bewegingsgedrag van locomotieven of rijtuigen bij een snelheid boven de 160 km per uur. Gewone treinen reden nooit boven die snelheid. Door krachtige traditie met elektrische motoren en dieselmotoren heeft men echter de gemiddelde snelheid van de gewone trein steeds verder kunnen opvoeren.

In de Verenigde Staten bestaat een scherpe concurrentie door de goedkope bussen en de snelle straalvliegtuigen. Daardoor heeft het personenvervoer per spoor, wat de lange afstanden betreft, daar bijna geheel afgedaan. Als men nu per trein reist, is dat om het landschap beter te kunnen zien, en niet uit economische om milieuvriendelijke ondernemingen.

Ontwerp

Bij het ontwerpen van een moderne personentrein leerde men hoe belangrijk het was de aandrijfkracht hoog te maken in verhouding tot het gewicht. De kruissnelheid kan dan bijna gelijk zijn aan de maximum-snelheid, zelfs als de trein tegen een helling op moet. Snel starten is ook een vereiste, hoewel er door het slippen van de wielen een duidelijke grens gesteld wordt aan de verhouding van aandrijfkracht en gewicht. Men zocht daarom naar de beste manier om het dunne laagje roest, ijs ,olie en dergelijke van de rails te verwijderen. Zonder die gladde film zou de greep op de rails bijna volmaakt zijn.

In Canada bouwde men de wat tragere turbinetrein, samengesteld uit lichte rijtuigen waarvan de uiteinden op hoge draaipunten rustten. Bij bochten zwaaiden de rijtuigen automatisch naar buiten. Hoewel dit het comfort wel verhoogde, werd het toch geen succes. Als een trein de bocht in gaat, moet de carroserie meedraaien, en niet naar buiten zwaaien. Daarom werd in Europa de supersnelle trein ontworpen met bijzondere lange rijtuigen, gemonteerd op lage draaipunten. Een speciale apparatuur kan ervoor zorgen dat de romp negen graden gaat overhellen, zodat alles netjes mee in de bocht gaat.

Het uittesten van de eerste supersnelle trein begon in 1973. Tegen 1978 werden beide versies gebouwd: met elektrische en met turbineaandrijving. De elektrische trein kon worden aangesloten op een net van 25.000 Volt. Het overhellingssysteem werkte vanaf het begin goed en werd zo verfijnd, dat men een ideaal-vloeiende beweging kreeg. De stabiliteit van de nieuwste wielstellen is zo perfect, dat niet de trein aan het slingeren kan krijgen.

Toekomst

In de nabije toekomst zijn er ideeën die vaak aan science-fiction doen denken. Een goed voorbeeld hiervan is een naaste verwant van de zweeftrein, het magnetisch opgeheven voertuig. Hierbij wordt het gewicht aangetrokken door magneten, die een wisselwerking hebben tussen de trein en de baan. Bij dit onderzoek gaan industriële groeperingen in West-Duitsland en Japan voorop. Ze bestuderen allemaal de mogelijkheden om door supergeleiding de doelmatigheid te verhogen.

Sommige ontwerpen berusten op de aantrekkingskracht, waardoor het voertuig wordt opgeheven van de grond. Bij andere gaat het juist om da afstoting, waarbij de trein omhoog wordt gedrukt. In geen van deze gevallen hebben trein en baan direct contact met elkaar. De snelheden kunnen to meer dan 500 km per uur worden opgevoerd.

Lees verder

© 2009 - 2012 Koningaap, gepubliceerd in Verkeer (Auto en Vervoer) op . Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Koningaap is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer informatie…

Gerelateerde links
Moderne spoorwegen.

Gerelateerde artikelen
Tarieven Nationale Maatschappij der Belgische Spoorwegen De NMBS werd opgericht in 1926. Dit vennootschap staat in nauw v…
Trein (openbaar vervoer) Een trein is een vorm van openbaar vervoer waarbij treinstellen voort worden getrokken met behul…
Eurostar: met de trein naar Engeland Via de kanaaltunnel worden twee continenten met elkaar verenigd: de Eurostar. De tre…
Maglev trein: Snelste trein ter wereld De snelste trein ter wereld is een Maglev trein. Maglev staat voor magnetic levita…
Openbaar vervoer rondom Barcelona Een ieder die ooit naar Barcelona is gevlogen, kent het. Hoe kom ik het snelst op de ui…

Reageer op het artikel "Supersnelle treinen: evolutie"

Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.
Infoteur: Koningaap
Rubriek: Auto en Vervoer / Verkeer
Schrijf mee!