InfoNu.nl > Auto en Vervoer > Verkeer > Tips om te slagen voor het rij-examen bij het CBR

Tips om te slagen voor het rij-examen bij het CBR

Tips om te slagen voor het rij-examen bij het CBR Wat zijn de veel voorkomende fouten bij het rijexamen voor je rijbewijs B en hoe doe je het goed? Als het goed is doe je pas praktijkexamen voor je rijbewijs-B als je er klaar voor bent. Je voertuigcontrole is goed, handelingen in de lesauto verlopen grotendeels geautomatiseerd, je bent vertrouwd geraakt met de steeds wisselende verkeersomstandigheden, je kijkgedrag is juist en gericht, je hebt voldoende kennis van de verkeersregels, past het nieuwe rijden toe en je toont voldoende inzicht met betrekking tot de gevaarherkenning en hebt verkeersinzicht. Door omstandigheden die je zelf niet altijd in de hand hebt, is dit echter geen garantie voor het slagen voor je rijbewijs. Onderstaande tips geven je inzicht in veel gemaakte fouten, maar wat belangrijker is, waar je op moet letten om deze fouten te voorkomen zodat je de kans op het slagen voor je rij-examen en het behalen van je rijbewijs vergroot.

Het praktijkexamen voor het rijbewijs

Zoals al aangehaald is een goede voorbereiding van belang. Invloed op je eigen gedrag heb je, invloed op het gedrag van een ander niet. Anticipeer voldoende en toon je een actief en besluitvaardig verkeersdeelnemer tijdens het examen. Besef dat je in een verkeerssituatie met bijvoorbeeld 4 andere verkeersdeelnemers slechts voor 20% procent controle hebt over de situatie; je eigen aandeel. Simpel gezegd bestaat goed auto rijden "slechts" uit het opvangen van de fouten van een ander en/of een sociale opstelling naar de andere weggebruikers toe. Uiteraard is hierbij ook de kennis van de verkeersregels, verkeersinzicht en het tijdig herkennen van gevaar van belang.

Hoe vergroot je de kans van slagen voor je rij-examen


Slagen voor het rijbewijs - Tips waar je zelf controle over hebt

  • Vraag vooraf aan je rij-instructeur de onderdelen, waar je het meest onzeker over bent, te herhalen.
  • Heb vertrouwen in jezelf. Als het tijdens de laatste rijlessen vóór je examen goed ging, is er geen reden aan jezelf te twijfelen.
  • Neem de tijd en zorg dat je goed uitgerust bent vóór je rij-examen gaat doen.
  • Probeer voldoende te eten, zodat je bloed-suiker spiegel in orde is. Dit houdt je fitter en scherper.
  • Neem géén rustgevende middelen als je hiermee onbekend bent. Je weet immers niet hoe je hier op reageert. Probeer het middel desnoods een aantal dagen van tevoren.
  • Kies kleding waar je jezelf makkelijk in kunt bewegen, zodat je niet belemmerd wordt tijdens de handelingen die gedurende het rijden in de auto van je verlangd worden.
  • Trek makkelijke schoenen aan, zodat je voldoende "feeling" hebt met de pedalen in de auto.
  • Schiet niet in de stress als situaties niet voor 100% verlopen. Het gaat om het totaalbeeld dat je van je kunnen geeft. Een enkel (klein) foutje hoeft niet te betekenen dat je zakt.

Het kijkgedrag bij het rij-examen - Gebruik van de autospiegels

  • Bij een juist kijkgedrag kijk je geregeld in de autospiegels, richt je de blik voldoende ver vooruit, maar kijkt ook in de breedte. Door een actief en functioneel kijkgedrag heb je voldoende overzicht en krijg je een totaalbeeld van het verkeer om je heen. Je bent -als je de juiste informatie filtert- in staat adequaat te reageren op situaties die zich voordoen, of een voorspelling te maken van wat zou kunnen gebeuren. Neem tijdens de rit bij je rijexamen de tijd om rustig in de spiegels en "rondom" de auto te kijken en herhaal dit kijkgedrag zo vaak als nodig is in de voorkomende, wisselende verkeerssituaties. Overdrijf het kijkgedrag niet. De examinator heeft snel genoeg in de gaten of je ook werkelijk waarneemt.
  • Bedenk dat je altijd eerst in de spiegels en "rondom" de auto gekeken hebt, voordat je de snelheid verhoogt of vermindert, of voordat je een stuurbeweging/koersverandering inzet.

Veelgemaakte fouten bij het kijken

  • Overdreven of niet gericht kijken.
  • Onvoldoende of nonchalant kijkgedrag.
  • Te gehaast kijken, zodat je niet waarneemt.
  • Te kort voor de auto kijken (onvoldoende ver vooruit en in de breedte), waardoor te laat gereageerd wordt op verkeerssituaties.

Plaats op de weg als bestuurder

Plaats op de weg is rechts oftewel "bestuurders zijn verplicht zoveel mogelijk rechts te houden" (behalve fietsers). "Zoveel mogelijk" geeft al aan dat het rechts rijden voor bestuurders logisch moet zijn gegeven de verkeerssituatie. De omstandigheden kunnen er toe leiden dat je een andere keuze maakt of moet maken.
  • Houd voldoende afstand als je een object voorbijgaat of passeert. Houd in de regel minimaal een portier breedte tot 1,5 meter aan, vooral bij passeren van fietsers, snorfietsers en gehandicaptenvoertuigen. Als je bij het passeren op de andere weghelft komt, is dit niet erg, zolang je tegenliggers maar niet in gevaar brengt en/of deze eerst voor laat gaan.
  • Sorteer -indien van toepassing- duidelijk en tijdig voor, na goed gekeken te hebben. Vooral naast de auto in de richting waarin je voor gaat sorteren.
  • Neem bochten voldoende ruim, waarbij je op je eigen weghelft uitkomt. Houd rekening met eventuele grote voertuigen. Geef hen voldoende gelegenheid de bocht te nemen.
  • Pas je positie op de weg aan aan de omstandigheden. Rijd bij smalle of slechte wegen langzamer, in het bijzonder bij tegemoet komend verkeer. Stop de auto desnoods als de weg te smal mocht zijn en passeren niet mogelijk is of gevaar oplevert.

Veelgemaakte fouten bij de plaats op de weg

  • Onvoldoende zijdelingse afstand houden bij passeren/inhalen van geparkeerde auto's, obstakels, fietsers e.d.
  • Te laat, niet of onvoldoende voorsorteren.
  • Verkeerd in- of uitsturen; te ruime of te krappe bochten.
  • Onvoldoende rechts rijden, zodat gevaar voor tegenliggers kan ontstaan.

Rijden met de juiste of aangepaste snelheid

Het uitgangspunt is de maximumsnelheid die volgens de verkeersregels en verkeerstekens geldt op de verschillende wegen en binnen de verschillende gebieden.
  • Rijd vlot met het overige verkeer mee en pas je snelheid op tijd aan de omstandigheden aan. Soms kan het veilig en noodzakelijk zijn een iets hogere snelheid te rijden dan is toegestaan (inhalen, invoegen), maar doe dit niet langer dan strikt noodzakelijk is.
  • Pas je snelheid bij het naderen van een bocht op tijd aan. Kijk voldoende ver vooruit en schat het verloop van de bocht goed in.
  • Let goed op verkeersborden die een afwijkende snelheid vereisen (erf 15 km, 30-km zone). Bedenk dat de borden binnen het bewuste gebied niet herhaald worden.

Veelgemaakte snelheidsfouten

  • Uit angst voor snelheidsovertredingen of door onzeker gedrag langzamer rijden dan nodig is, waardoor het overige verkeer opgehouden of gehinderd wordt.
  • Verkeerd inschatten van de bochten zodat te langzaam of te snel gereden wordt.
  • Te snel naderen van wegversmallingen, splitsingen of kruispunten.

Inhalen en voorbij gaan

Een vlotte doorstroming binnen het verkeer is van belang. Het kan wenselijk zijn -met inachtneming van de veiligheid, de verkeersregels en verkeerstekens- een ander voertuig in te halen. Wees niet bang in te halen als het verkeersbeeld hier om vraagt. Nalaten hiervan kan als besluiteloos gedrag opgevat worden.
  • Besluit, als het verkeersbeeld hierom vraagt en dit veilig kan, om zelfstandig op eigen initiatief te gaan inhalen (besluitvaardig rijgedrag)
  • Kijk, als je besluit in te gaan halen, voldoende ver vooruit en begin op tijd met kijken/waarnemen, zodat je het moment om de manoeuvre goed uit te voeren juist kan kiezen.
  • Geef jezelf voldoende ruimte om deze manoeuvre vlot en veilig uit te voeren, zowel vóór als tijdens het inhalen.
  • Maak voldoende snelheid en haal vlot in. Het kan zijn dat je dan tijdelijk iets sneller rijdt dan toegestaan.
  • Ga naar afronding van de manoeuvre zo snel mogelijk weer naar de juiste plaats op de weg.

Veelgemaakte fouten bij inhalen of voorbij gaan

  • Te laat voorbereiden van het inhalen. (kijken, maken van een plan, kiezen van het moment)
  • Inhalen met onvoldoende zijdelingse afstand.
  • Onvoldoende snelheid ontwikkelen vóór het inhalen (pas versnellen ná de zijdelingse verplaatsing)
  • Twijfelen of niet durven inhalen uit angst dat de examinator een volgende instructie geeft.

Bijzondere verrichtingen of bijzondere manoeuvres

Als je het rijbewijs hebt behaald en auto rijdt, zul je welhaast dagelijks moeten parkeren, keren, achteruit rijden, vanaf een helling je weg vervolgen enzovoort. Maak het uitvoeren van de bijzondere verrichtingen tijdens het examen niet moeilijker dan nodig is. Zoek een veilige en logische oplossing voor je opdracht.
  • Kijk tijdig, gericht en actief voor je de manoeuvre uitvoert en wees duidelijk in wat je gaat doen (remmen, richting aangeven, alarmerende knipperlichten)
  • Voer de manoeuvre stapvoets -eventueel met slippende koppeling- uit.
  • Kijk en voel wat er met de auto gebeurt tijdens de uitvoering, dan heb je voldoende tijd om te corrigeren.
  • Blijf scherp en handel juist, ook bij het opnieuw deelnemen aan het verkeer (de opluchting van het slagen van de verrichting wil nog wel eens tot slordigheid leiden) én vergeet de na-controle niet.

Veelgemaakte fouten bij uitvoering van de bijzondere verrichtingen

  • Onvoldoende aandacht voor het overige verkeer omdat de aandacht te zeer op het uitvoeren van de manoeuvre ligt.
  • Te gehaast aanvangen van de verrichting of met een te hoge snelheid, zodat er minder/geen mogelijkheid tot correctie is.
  • Onvoldoende kijken na uitvoering van de manoeuvre bij hernieuwde verkeersdeelname.

Begrijp, lees en volg de weg

Op de weg zijn strepen, belijning, markeringen, puntvlakken enzovoort aangebracht. Al deze tekens hebben tot functie dat ze "iets" aankondigen of de verkeersstromen geleiden. Tijdig waarnemen van de tekens geven je voldoende tijd en ruimte om op aankomende situaties te reageren.
  • Zijn er meerdere rijstroken in de richting die jij op wilt, neem dan de meest logische rijstrook (meestal de rechter). Let ook op bestuurders in de andere rijstroken, of deze hun rijstrook/rijlijn houden.
  • Kijk -bij afslaan- voldoende ver de bocht door zodat je eventueel aangebrachte belijning goed kunt volgen en de juiste snelheid kunt kiezen.
  • Volg -de bocht door- je eigen rijstrook of de juiste plaats op de weg.

Veelgemaakte fouten bij het volgen van de weg

  • Niet of te laat signaleren van meerdere rijstroken, zodat niet goed of te laat wordt gereageerd.
  • Niet of onvoldoende aanhouden van de eigen rijstrook bij ronden van de bocht.
  • Verkeerd inschatten van de bocht, waardoor een niet passende snelheid gereden wordt.

Rijden van een rotonde

Een rotonde heeft tot doel de verkeersafhandeling op een kruispunt veilig en soepel te laten verlopen. Over het algemeen heeft het verkeer op de rotonde voorrang, maar dit is (nog) niet altijd het geval. Extra aandacht voor de geplaatste verkeersborden die de voorrang regelen! Let -bij een rotonde met meerdere rijstroken- goed op rijstrookwisselingen van anderen en die van jezelf.
  • Kijk op grote afstand al naar eventuele verkeersstromen op en rondom de rotonde én hoe de voorrang geregeld is. Je kunt dan al vroegtijdig een voorspelling maken van dat wat je kunt verwachten.
  • Sorteer -na goed gespiegeld/gekeken te hebben- tijdig voor of kies op tijd de rijstrook die de richting aangeeft die jij wilt gaan volgen.
  • Nader de rotonde met gepaste snelheid en houd rekening met voetgangersoversteekplaatsen, aanliggende fiets- bromfietspaden.
  • Volg op de rotonde de rijstrook (of denkbeeldige rijstrook) die je bij voorsorteren hebt gekozen.
  • Kijk vroegtijdig waar je naar toe wilt/de rotonde wilt verlaten.
  • Geef ongeveer op een kwart afstand vóór je de rotonde wilt verlaten richting aan naar rechts. Vóór deze handelingen heb je mogelijk al van rijstrook moeten wisselen (richting aangeven)

Veelgemaakte fouten bij rijden van een rotonde

  • Te laat of niet goed voorsorteren bij aan komen rijden.
  • Nadering van een rotonde met te hoge snelheid, zodat er onvoldoende tijd is rustig te reageren op de overige verkeersstromen.
  • Te zeer afwijken van de rijlijn/rijstrook.
  • Te laat voorsorteren naar rechts om de rotonde te verlaten.

Invoegen en uitrijden op de autosnelweg

Met name het invoegen bij het rijden op de autosnelweg vraagt om een actief kijkgedrag en het bepalen van de juiste snelheid. Mag er op de autosnelweg in principe 130 km/u gereden worden; de werkelijke gereden snelheid zal van vele factoren afhankelijk zijn. (drukte, file, weersomstandigheden)
  • Al bij naderen van de autosnelweg kijk je hoe druk het is op de doorgaande rijbaan. Dit kijken -ook achter en naast de auto- herhaal je zoveel als nodig om je plaats van invoegen te kiezen.
  • Pas je snelheid aan aan die van het overige verkeer. Iets sneller aan komen rijden kan het uiteindelijk invoegen vergemakkelijken. Vertragen verloopt soepeler dan versnellen.
  • Voeg alleen dan in als je voldoende ruimte hebt of krijgt op de doorgaande rijbaan. Vlak voor het moment van invoegen geef je richting aan. Gebruik de richtingaanwijzer niet dwingend.
  • Zodra je op de doorgaande rijbaan rijdt pas je de snelheid aan en zorgt voor voldoende volgafstand.
  • Bij uitrijden op de autosnelweg staat dit op 1200, 900, 600 en 300 meter aangegeven. Zorg dat je op een afstand van 600 á 300 meter voor het begin van de uitrijstrook de rechter rijstrook hebt gekozen om het uitrijden veilig mogelijk te maken.
  • Meestal volgt er bij het uitrijden een (scherpe) bocht. Kijk de bocht goed door om het verloop van de bocht in te schatten en pas hier de snelheid op aan.

Veelgemaakte fouten bij invoegen en uitrijden

  • Bij aan komen rijden: afwijkende snelheid ten opzichte van het overige verkeer.
  • Onvoldoende of onjuist kijken om de plaats van invoegen te bepalen.
  • Te laat de rechter rijstrook kiezen voor het uitrijden.
  • Foutief inschatten van de bocht/de snelheid bij het uitrijden (veelal de nabocht)

Wisselen van rijstrook

Bij het wisselen van een rijstrook voeren bestuurders een zijdelingse verplaatsing uit. Dit houdt in dat je in een dergelijke situatie -voor je de zijdelingse verplaatsing inzet- al het overige verkeer voor moet laten gaan. Vooral op autosnelwegen met drie of meer rijstroken kan dit tot gevaar leiden als twee of meer bestuurders gelijktijdig willen wisselen van rijstrook (b.v. van 1 naar 2 en van 3 naar 2) Goed spiegelen en kijken -vooral in de dode hoek- is dan van belang.
  • Zorg dat je voldoende ruimte voor, naast en achter de auto hebt bij het wisselen van rijstrook.
  • Kijk gericht en goed en bepaal rustig het moment waarop je de tijd en ruimte hebt van rijstrook te wisselen.
  • Wacht -als je het moment hebt bepaald- niet te lang met de uitvoering van de zijdelingse verplaatsing. Het verkeersbeeld kan weer wijzigen.
  • Maak voldoende snelheid, zodat dit goed is afgestemd op het overige verkeer.
  • De richtingaanwijzer mag je niet dwingend gebruiken. Bij grote drukte kan het soms raadzaam zijn de richtingaanwijzer te gebruiken om kenbaar te maken wat je bedoelingen zijn. De ruimte moet je dan wel krijgen.

Veelgemaakte fouten bij wisselen van rijstrook

  • Onvoldoende kijken , zodat het gedrag van anderen niet of te laat wordt opgemerkt (dode hoek of gelijktijdige rijstrookwisseling bij meerdere rijstroken)
  • Onvoldoende aanpassing van de snelheid of terug laten zakken van de snelheid tijdens het kijken/wachten.
  • Onvoldoende aandacht voor andere weggebruikers (oogcontact, gebaren)

Lees verder

© 2013 - 2017 Jvd, het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.
Gerelateerde artikelen
Tips voor je praktijkexamenHet afleggen van je praktijkexamen is altijd spannend. Na tientallen rijlessen wil je immers wel graag dat roze pasje ku…
Soorten rijbewijzenVoor het besturen van een voertuig heb je altijd een rijbewijs nodig. Dit kan dus een rijbewijs zijn voor het besturen v…
Het scooter certificaat. Wat is het?Welke veranderingen heeft het scooter certificaat de afgelopen jaren ondergaan en hoe steekt de toets nu eigenlijk in el…
Kosten rijles & rijbewijsKosten rijles & rijbewijsDe kosten van autorijlessen inmiddels opgelopen tot boven de veertig euro per les. Dan komen daar nog de kosten voor het…
Het nieuwe bromfietsrijbewijs 2010: ook praktijkexamen doenHet nieuwe bromfietsrijbewijs 2010: ook praktijkexamen doenHet nieuwe bromfietsrijbewijs 2010 schrijft voor dat mensen ook praktijkexamen moeten doen om op een bromfiets, snorfiet…
Bronnen en referenties
  • Autorij-instructie.nl

Reageer op het artikel "Tips om te slagen voor het rij-examen bij het CBR"

Plaats als eerste een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Meld mij aan voor de tweewekelijkse InfoNu nieuwsbrief
Infoteur: Jvd
Laatste update: 03-07-2017
Rubriek: Auto en Vervoer
Subrubriek: Verkeer
Bronnen en referenties: 1
Schrijf mee!